Wolluis (Pseudococcidae): herkennen en aanpakken

Witte wattige kolonie wolluis op het blad van een orchidee (Phalaenopsis), close-up
· Beeld: Pseudococcidae, Maja Dumat / Wikimedia Commons (CC BY 2.0) · Wikimedia Commons

Bijgewerkt: 24 augustus 2026

Wolluis is de plaag die je als witte, wattige propjes ziet zitten in de bladoksels en op de plekken waar stengels samenkomen. Het beestje beweegt traag en verstopt zich graag, en juist daardoor wordt het meestal laat opgemerkt.

Bij kamerplanten kom je wolluis vooral tegen bij orchideeën, vetplanten, soorten met dik blad en planten met diepe bladoksels.

Hoe je hem herkent

  • Uiterlijk: volgens de RHS tot 4 mm, ovaal en met een zacht lijf. Over dat lijf ligt een witte, wasachtige laag die op watten lijkt. Haal je die laag uit elkaar, dan komt er een rozeachtig of lichtgekleurd beestje onder vandaan.
  • Waar hij zit: in de bladoksels, waar stengels samenkomen, aan de onderkant van bladeren, onderaan bloemstengels, langs de potrand en op de wortelhals net onder de grond. Kortom, overal waar je niet kijkt.
  • Beweging: hij beweegt heel traag en lijkt op het eerste gezicht stil te zitten.
  • Het eizakje: de vrouwtjes leggen hun eieren in een groter en rommeliger wattig zakje. Die zakjes zien er groter en warriger uit dan de losse beestjes.

Plakkerig blad maakt wolluis niet in zijn eentje. Het onderscheidende teken is de wattige, wasachtige laag: zie je op een scheuttop een opeengepakt groepje zachte beestjes zónder wattige bedekking, kijk dan bij Bladluis.

Diezelfde plakkerige laag laat schildluis ook achter; die heeft geen wattige bedekking maar een hard schildje, en zit niet in de bladoksel maar op de stengel en langs de hoofdnerf aan de onderkant van het blad. Voelt het bultje hard aan in plaats van wattig, kijk dan bij Schildluis.

Schimmel of wolluis?

Deze twee worden vaak verward. Raak ze voorzichtig aan met een stokje of met je nagel:

SchimmelWolluis
VormVlak, plakt aan het oppervlakBol, met een lijfje eronder
Bij aanrakenValt uiteen en laat een veeg naEr komt een beestje uit
PlakkerigheidGeenHet blad wordt plakkerig
MierenKomen nietKunnen erop afkomen

De signalen

  • Witte wattige propjes in de bladoksels en waar stengels samenkomen
  • Een glanzende, plakkerige laag op het blad
  • Vergelend blad, achterblijvende groei, nieuw blad dat misvormd uitloopt
  • Na verloop van tijd zwarte roetdauw op de plakkerige laag
  • Mieren die rond de plant lopen

Wat je eraan doet

1. Zet de plant apart. Wolluis verspreidt zich via bladcontact en tussen potten onderling.

2. Veeg ze stuk voor stuk weg. Bij deze plaag is dat de eigenlijke methode. Haal elk beestje afzonderlijk weg met een vochtige doek of een wattenstaafje. Omdat de wasachtige laag ze tegen water beschermt, is afspoelen op zichzelf niet genoeg.

  • Kijk vooral in de bladoksels en waar stengels samenkomen.
  • Bij planten met dik en stevig blad veegt het makkelijk.
  • In nauwe hoekjes kom je met een wattenstaafje.
  • Spoel je doek vaak uit; anders verplaats je de plaag naar een ander deel van de plant.

3. Spoel daarna af. De plant na het vegen afspoelen met lauw water haalt de achterblijvers en de plakkerige laag weg. Dek de bovenkant van de pot af zodat de potgrond niet uitspoelt.

4. Controleer de wortelhals. Blijft de plant verzwakken, haal hem dan uit de pot en kijk naar de wortelhals en de potrand. Zie je daar witte wattige sporen, dan kan het om wortelwolluis gaan; dan moet de grond helemaal vervangen worden en spoel je de wortels goed schoon. Gooi de oude grond weg in plaats van hem opnieuw te gebruiken; kijk bij je gemeente wat er in de GFT-bak mag.

5. Herhaal ongeveer wekelijks, minstens drie keer. De eizakjes ontgaan je bij de eerste beurt en daar komen nieuwe beestjes uit. Bij deze plaag is herhalen extra belangrijk.

Wat niet werkt

  • Alleen afspoelen. De wasachtige laag stoot het water af.
  • Alleen de zichtbare propjes weghalen. Controleer je de bladoksels en de wortelhals niet, dan komt het terug.
  • Achter de mieren aan gaan. De mieren zijn het signaal; ze komen af op de zoetige honingdauw van de wolluis. Ze wegjagen lost niets op.
  • Eén enkele behandeling. Door de eizakjes is herhalen noodzakelijk.

Bij welke planten vaker

Wolluis komt vaker voor bij planten met diepe en nauwe bladoksels, want daar kan hij zich verstoppen en daar kijkt niemand. Bij orchideeën zit hij onderaan de bladeren en tussen de wortels, bij vetplanten tussen de bladeren, en bij soorten met dik blad op de plekken waar stengels samenkomen.

Die plekken regelmatig nalopen is de handigste manier om wolluis vroeg te vinden.

Planten waarbij het vaak wordt gemeld zijn de Crassula, de kerstcactus, de Clivia en de amaryllis. Andere veelvoorkomende dragers met diepe bladoksels of dik blad zijn de wasbloem (Hoya), de erwtenplant, de Kalanchoe en de lippenstiftplant.

Voorkomen

  • Houd nieuwe planten twee tot vier weken apart en kijk in die weken in de bladoksels.
  • Maak er een gewoonte van om maandelijks te kijken op de plekken waar het blad aan de stengel vastzit.
  • Neem het blad af en toe af met een vochtige doek; dat haalt het stof weg en je ziet het vroeger.
  • Zet planten niet te dicht op elkaar. Op een volle vensterbank raken bladeren elkaar en dat is precies de weg waarlangs wolluis overstapt.

Bij een hardnekkige of terugkerende aantasting kun je het beste advies vragen bij een tuincentrum of hovenier.

Veelgestelde vragen

Zijn die witte wattige plekjes schimmel of een beestje?

Raak ze voorzichtig aan met een stokje of met je nagel. Schimmel ligt vlak en plakt aan het oppervlak; die valt uiteen als je hem aanraakt. Onder een propje wolluis zit een zacht, ovaal lijfje; haal je het uit elkaar, dan komt daar een rozeachtig of lichtgekleurd beestje uit. Bovendien maakt wolluis het blad plakkerig en schimmel niet.

Ik heb de plant onder de douche gezet en de wolluis zit er nog, hoe kan dat?

Omdat hun lijf bedekt is met een wasachtige, waterafstotende laag. Die beschermt ze tegen water. Bij zachte beestjes zoals bladluis werkt afspoelen wel, maar bij wolluis is het op zichzelf niet genoeg; je moet ze stuk voor stuk wegvegen met een vochtige doek of een wattenstaafje.

De plant leek op te knappen en een paar weken later zat het er weer

Wolluis verstopt zich graag. Bladoksels, plekken waar stengels samenkomen, de potrand en zelfs de wortelhals net onder de grond worden makkelijk over het hoofd gezien. Daar komt bij dat de vrouwtjes hun eieren in een wattig zakje achterlaten, en dat zakje zie je bij een eerste schoonmaakbeurt vaak niet. Eén keer schoonmaken is daarom meestal niet genoeg; blijf de plant volgen en haal wat er nieuw bij komt op dezelfde manier weer weg.

Kan wolluis ook in de grond zitten?

Ja, er bestaat een aparte soort, de wortelwolluis, en die leeft in de grond rond de wortels. Verzwakt een plant zonder duidelijke reden, wordt hij geel en knapt hij niet op terwijl je het gieten al hebt aangepast, haal hem dan uit de pot en kijk naar de wortels. Zie je witte wattige sporen op de wortelhals en langs de potrand, dan is dat de oorzaak.

Bronnen